Met de stadstrein naar en over Ringland

Stal je fiets, spring de stadstrein op, wandel tot aan de tram, of fiets verder de stad in… Ringland bepleit een nieuwe, efficiënte overstapcultuur. Een belangrijke schakel in dat verhaal is de stadstrein, met tien haltes in het tiende district en verderop haltes tot in de Kempen en het Waasland. Het beste nieuws? Die stadstrein is niet moeilijk te realiseren, want enkele voorwaarden zijn al vervuld.
De spoorinfrastructuur voor een stadstreinlijn ligt er vandaag al, met twee en deels zelfs vier sporen. Extra spoorcapaciteit is al gepland met de tweede havenontsluiting voor goederentreinen, van de haven tot voorbij Lier. De Liefkenshoekspoortunnel is al een feit.

Bron: Ringland-krant, april 2016

 

TREINSTELLEN AL IN HUIS

Bovendien heeft de NMBS de geschikte treinstellen al in huis: de Desiro. Die hebben goede rij-eigenschappen (vlot optrekken en afremmen) en zijn goed toegankelijk in combinatie met hoge perrons. Daardoor kan de gemiddelde snelheid vrij hoog blijven, ook bij frequente haltes, zoals bij de metro. Nog een pluspunt: de Desiro wekt tijdens het remmen energie op, zodat tot 30 procent meer energie bespaard kan worden als ze worden ingezet voor de stadstreinlijn. Vandaag rijden die treinstellen vooral op intercitylijnen met weinig haltes. Het gros van de stoptreinen die de NMBS gebruikt, zijn dan weer zware en sterk verouderde stellen die zoveel energie opslorpen dat de stoptreindienst onvermijdelijk onrendabel wordt.

BESTAANDE STADSTREINEN

Londen heeft sinds 1863 zijn Underground die, in tegenstelling tot wat zijn naam aangeeft, ook bóvengronds rijdt, maar dan vooral als stadstrein en tot ver buiten de stad. De bewoners van Kopenhagen springen sinds 1934 op de S-Tog. Zwitserland ontwikkelde de voorbije 30 jaar de S-netten. In het centraal station Zürich-HB bijvoorbeeld vertrekken per uur tussen 10 en 11 uur, 61 stadstreinen en maar 28 treinen van het type IR, IC, TGV of ICE. Nederland heeft voor het hele land een Sprinternet ontwikkeld. Die stadsregionale Sprinters rijden om de 30 of 15 minuten. Die aanpak is leerzaam. De voorbij drie decennia werd een vijftigtal stations geopend, meestal gelegen in voorstedelijk gebied. Dat ging vaak gepaard met grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen.

VANDAAG IN ANTWERPEN

In het kader van ‘Slim naar Antwerpen’ stelde de NMBS vorig jaar de aanzet tot haar S-net voor, evenwel meteen met de waarschuwing: ‘Verwacht geen big bang.’ Volgens de NMBS zouden er tussen 6 en 9.30 uur nu al 28.803 vrije zitplaatsen zijn in de treinen naar Antwerpen, gemiddeld dus 342 plaatsen per trein. Gemiddeld, want die vrije zitplaatsen zijn er vooral op op minder interessante trajecten of op rustige momenten, bijvoorbeeld om 6 uur ’s ochtends. Want veel treinen rijden nog een heel eind door, voorbij de stad en dus met lege zitplaatsen. Die treinen beter inzetten (meer tijdens de spitsuren, op kortere trajecten dicht bij de stad), evenals meer promotie voeren kan ervoor zorgen dat al die vrije plaatsen snel vol zitten.
Om het S-net kans op slagen te geven, moet de kostprijs om een trein op het Infrabel-net te laten rijden volgens de NMBS wel omlaag. In België bedraagt die 7,9 euro/km, in Nederland is dat maar 1,7 euro/km. Eenmansbediening kan volgens het spoorbedrijf helpen om de kosten te beheersen. Over een tariefintegratie, de toegankelijkheid van de stations, de perrons en de treinen zegt de NMBS evenwel niets. In de stadsregio Antwerpen is de stadstrein dus nog lang geen ‘sterk merk’ dat mensen kan overtuigen om uit hun auto te komen. Laat staan dat die stadstrein de motor wordt van ruimtelijke ontwikkelingen.

ZES NIEUWE HALTES

De stadstreinlijn die de Ringland Academie ondertussen vormgaf, heeft wel een netwerkversterkende rol op het hele spoornet. Zo bedienen de stadstreinen de drie IC-stations Berchem, Zuid en Luchtbal. Die verdienen wel een grondige opwaardering, met het oog op meer overstapmogelijkheden. Tussen die drie stations in kunnen zes nieuwe haltes ook een naadloze overstap bieden naar Ringland, de tram of de bus. Ringland versterkt daarmee het ‘Tramstadmodel’, het netwerk dat De Lijn de jongste jaren ontwikkeld heeft.

STADSTREIN VERSUS SINGELTRAM

Een stadstreinlijn verdient de prioriteit voor een Singeltram. In de eerste plaats, zoals gezegd, omdat de spoorlijnen er al liggen. Treinen hebben op hun geheel eigen baan ook veel meer slagkracht. Tussen Noorderdokken en het Zuid is een gemiddelde snelheid van 35 km/u perfect haalbaar. Met de doorkoppeling van de stadstreinlijn in de regio is zelfs een gemiddelde snelheid mogelijk van 50 km/u. De NMBS stelde bijvoorbeeld al voor om de lijn van Boom te koppelen aan die naar Kapellen.

GLOBALE AANPAK

Een stadstreindienst vergt een globale, samenhangende aanpak. Met andere woorden: er is een intense samenwerking nodig tussen de NMBS-groep, De Lijn, de ruimtelijke en de mobiliteitsplanners. Als een big bang niet mogelijk is, moet de aanpak gefaseerd verlopen. Daar is een degelijk economisch en operationeel goed onderbouwd bedrijfsmodel voor nodig.

DE IDEAE STADSTREIN

  • is naadloos toegankelijk
  • is multimodaal (sluit aan op tram, bus, fiets, wandelweg)
  • gebruikt één tariefsysteem
  • zet in op klantgerichte communicatie
  • rijdt elke dag, van vroeg tot laat
  • is verbonden met stedelijke activiteitenpolen en goed verdichte woonbuurten

Alleen zo wordt de stadstrein een sterk merk, de ideale manier om je te verplaatsen, met duidelijk minder fijnstof en minder lawaai. Ringland opent zo het tijdperk van een slagvaardige nieuwe overstapcultuur.

Fred VAN REMOORTEL
Mobiliteitsdeskundige openbaar vervoer,
Ringland Academie

Wat vooraf ging

Begin 2014 lanceert Ringland een totaaloplossing voor mobiliteit en leefbaarheid in en om Antwerpen. Het voorstel creëert een niet te stoppen dynamiek. In het straatbeeld duiken duizenden affiches op, fietsers laten aan iedereen weten: ‘Ik wil op Ringland fietsen’, en langs de Ring planten burgers en organisaties met een hart voor Antwerpen de vlag van Ringland. Festivals, evenementen en bekende gezichten verbreden het draagvlak.
Burgers participeren via crowdfunding aan studies die het voorstel verfijnen en onderbouwen.
Ook overheden zijn steeds meer geïnteresseerd in het plan. De Antwerpse gemeente- en districtsraadsleden, het Vlaams Parlement en de Vlaamse regering luisteren, stellen vragen en raken mee overtuigd van deze unieke kans.

75.000 Antwerpenaars steunen het idee voor een nieuwe volksraadpleging, omdat ze niet geloven dat de bestaande plannen voor de Oosterweelverbinding verenigbaar zijn met een volledige overkapping. Samen met een procedure bij de Raad van State door de actiegroepen Ademloos en stRaten-generaal, houden ze zo de druk op de ketel om tot een politiek akkoord te komen.

En plots gaat het snel. De inzichten zijn gegroeid, de plannen meer en meer verfijnd, en dankzij intendant Alexander D’Hooghe verbetert ook de verstandhouding tussen de betrokken instanties en burgers.
Begin 2017, amper drie jaar na de start, sluit Ringland samen met stRaten-generaal en Ademloos, de stad Antwerpen en de Vlaamse regering het Toekomstverbond, een akkoord dat moet leiden tot de volledige overkapping.

In de zomer krijgen zes ontwerpteams de opdracht om, onder leiding van de intendant, de overkapping concreet uit te werken.

Ringland in een notendop

Ringland pleit van bij het begin voor een totaaloplossing, zowel voor de mobiliteit als voor de leefbaarheid, in en rond Antwerpen. De volledige overkapping van de Ring is dé oplossing voor meer ruimte en groen, vlot en veilig verkeer, een betere gezondheid en een veel grotere leefbaarheid.

Ringland formuleerde enkele essentiële uitgangspunten:

  • scheiding van doorgaand en stedelijk verkeer, om de Ring vlotter en veiliger te maken
  • minder verplaatsingen met de auto, ten voordele van meer verplaatsingen te voet, met de fiets of het openbaar vervoer
  • het sluiten van de Ring als sluitstuk van het hele verhaal, met een verplaatsing van het zwaar en doorgaand (haven)verkeer naar het noorden
  • groene verbindingen tussen stad en rand, Luchtbal en Merksem,…

Toekomstverbond in een notendop

In 2017 sluiten de burgerbewegingen en de overheden het Toekomstverbond, een akkoord om samen tot een volledige overkapping te komen.

Daarin komen de partijen overeen dat:

  • alvast 1,25 miljard euro wordt vrijgemaakt voor de eerste fase van de volledige overkapping
  • de Oosterweelverbinding er toch komt, maar enkel voor stadsregionaal verkeer, terwijl het doorgaand verkeer het Haventracé rond de stad moet volgen
  • de mobiliteit in de grote vervoersregio (van Beveren tot Brecht) verbeterd moet worden via een Routeplan 2030, waardoor het aantal verplaatsingen met de auto vermindert, dankzij een modal shift naar meer verplaatsingen te voet, met de fiets of met het openbaar vervoer (modal split 75/25 naar 50/50)
  • er voortaan constructief wordt samengewerkt, met inspraak van de burgers
  • de procedures bij de Raad van State worden stopgezet

Modal split 50/50

De modal split 50/50 gaat uit van de helft verplaatsingen te voet, met de fiets of met het openbaar vervoer en de helft met auto’s en vrachtwagens. Het Routeplan 2030 voor de Vervoersregio Antwerpen moet helpen om deze ambitie te realiseren. Het wordt uitgewerkt op een van de vier werktafels binnen de Werkgemeenschap. Ringland vindt de modal shift naar 50/50 een vooruitgang, maar durft voor nog meer ambitie te pleiten. Ringland is door buitenlandse voorbeelden overtuigd dat 70/30 realiseerbaar is.

X
- Enter Your Location -
- or -