Maandag 07 oktober

Meer inspanningen noodzakelijk voor modal shift naar duurzame mobiliteit

De Antwerpse burgerbewegingen zijn verheugd dat het Vlaams regeerakkoord het Toekomstverbond onverkort handhaaft. Ringland, stRaten-generaal en Ademloos lezen in het akkoord veel positieve elementen, al zijn er ook belangrijke kanttekeningen te maken. Zonder extra investeringen in het openbaar vervoer blijft de noodzakelijke modal shift dode letter. Ook het niet invoeren van rekeningrijden getuigt van gebrek aan politieke moed en inzicht.

Herbevestiging Toekomstverbond 

Het Toekomstverbond, afgesloten in de Antwerpse regio in het kader van de Oosterweelverbinding, blijft het speerpunt op Vlaams niveau. Het Vlaams regeerakkoord bevestigt de volledige uitvoering van de Oosterweelverbinding, het Haventracé (waar ook de A102 toe behoort), de volledige overkapping én de modal shift. Al lezen we in de tekst overkappingen, het mag duidelijk zijn dat de burgerbewegingen blijven streven naar één zo volledig en maximaal mogelijke overkapping, dus niet een soort kaas met gaten. 

STOP-principe: de enige manier

Wat mobiliteit betreft, is de terechte bevestiging van het STOP-principe (prioriteit in die volgorde voor stappers, trappers, openbaar vervoer en personenwagen) erg belangrijk. Het is de enige manier om leefbaarheid en verkeersveiligheid maximaal te garanderen. 

Duurzame mobiliteit enkel met modal shift

In het regeerakkoord missen we echter twee cruciale schakels om de noodzakelijke modal shift naar duurzamere mobiliteit, zoals die ook vastgelegd is in het Toekomstverbond, te realiseren: meer investeringen in openbaar vervoer en rekeningrijden. 

Combimobiliteit (het combineren van verschillende manier van vervoer) en het voorziene extra budget voor fietsvoorzieningen zullen, hoe lovenswaardig ook, niet volstaan. Het regeerakkoord stelt dat De Lijn verder moet uitgroeien tot ‘een voorloper en zelfs voorbeeld inzake modern, hoogwaardig en betrouwbaar openbaar vervoer’. Zonder extra investeringen is die ambitie echter niet geloofwaardig. 

Een gegarandeerde dienstverlening, extra aanbod en meer stiptheid zijn meer dan terechte eisen. Doorgedreven inspanningen voor de doorstroming van openbaar vervoer in de stedelijke regio’s kan de efficiëntie stevig opkrikken, maar daarnaast moet het netwerk ook uitgebouwd worden. Zo niet, blijft het ‘extra aanbod’ dode letter. 

Positief met het oog op de modal shift zijn, naast de extra investeringen in het fietsnetwerk, ook de voorziene inspanningen voor goederentransport per trein of via de binnenvaart.

Het uitblijven van rekeningrijden getuigt daarentegen van een gebrek aan politieke moed en inzicht. Elke mobiliteitsdeskundige zal bevestigen dat een dergelijke maatregel noodzakelijk is om het verkeer efficiënt te kunnen sturen en de modal shift ook op die manier effectief te ondersteunen.

Geen infrastructuurwerken zonder leefbaarheidsmaatregelen

Dat er toch nog zwaar geïnvesteerd wordt in weginfrastructuur is alleen te verantwoorden vanuit de vaststelling dat de huidige infrastructuur niet overal voldoet (o.m. de Antwerpse en Brusselse Ring). Reorganisatie is nodig, maar alleen in combinatie met maatregelen die de leefkwaliteit ten goede komen. Infrastructuurwerken die uitsluitend gericht zijn op de uitbreiding van de capaciteit zijn nefast: ze trekken alleen maar meer verkeer aan. 

Terecht wijst het regeerakkoord erop dat de grootste uitdaging erin bestaat bereikbaarheid te verzoenen met verkeersveiligheid, leefbaarheid, economische groei, luchtkwaliteit en klimaat.

Vervoerregio’s als hefboom

Tot de opdracht van de vervoerregio’s, zowel in Antwerpen als elders in Vlaanderen, behoort de integratie van de diverse vervoermodi. Extra nadruk ligt daarbij op deelsystemen en het creëren van multimodale mobipunten voor een optimale overstap en uitwisseling. Daartoe zijn verdere investeringen noodzakelijk in de uitbouw van de nieuwe samenwerkingsverbanden. De diverse mobiliteitsspelers (De Lijn, de NMBS, Infrabel, de Vlaamse Waterweg, het departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW), het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV), enz.) moeten er onder leiding van MOW op structurele basis overleggen met de lokale besturen, externe mobiliteits- en planexperts én de diverse burgerbewegingen. In veel vervoerregio’s is nog een inhaalbeweging nodig voor het overleg met de burgers. 

Koppeling met ruimtelijke ontwikkeling

De partners moeten het thema mobiliteit bovendien koppelen aan de gewenste ruimtelijke ontwikkeling in de regio, met concentraties rond de knooppunten in de vervoersnetwerken. De intenties in het regeerakkoord voor het verminderen van bijkomend ruimtebeslag zijn een positieve stap. We verwelkomen innovatieve oplossingen inzake alternatieve woonvormen, mobiliteitsoplossingen, financierings- of investeringsmodellen, met als doel rendementsverhogingen op de ene plaats te koppelen aan het inperken van ontwikkelingen elders.

Voor heel Vlaanderen is het een gezamenlijke uitdaging om eindelijk korte metten te maken met meer dan vijftig jaar van expansie, nefaste ruimtelijke verrommeling en alsmaar toenemende mobiliteitsproblemen. We moeten excelleren in een efficiënte omslag van het mobiliteitsbeleid, gekoppeld aan een doortastend ruimtelijk beleid. Die koppeling komt als ambitie helaas nog te weinig uit de verf in het Vlaams regeerakkoord.

Constructieve samenwerking

Het regeerakkoord legt ten slotte de nadruk op de goede en constructieve samenwerking met alle partners, administraties, overheden én maatschappelijke actoren. Het spreekt voor zich dat ook de burgerbewegingen die samenwerking verder willen zetten, niet alleen met de huidige stakeholders, maar ook met de nieuwe minister van Mobiliteit Lydia Peeters en de verkozenen in het Vlaams Parlement.

Bron: Persbericht 7/10/2019

De volledige overkapping volgens Ringland.

Meer nieuws

Wat vooraf ging

Begin 2014 lanceert Ringland een totaaloplossing voor mobiliteit en leefbaarheid in en om Antwerpen. Het voorstel creëert een niet te stoppen dynamiek. In het straatbeeld duiken duizenden affiches op, fietsers laten aan iedereen weten: ‘Ik wil op Ringland fietsen’, en langs de Ring planten burgers en organisaties met een hart voor Antwerpen de vlag van Ringland. Festivals, evenementen en bekende gezichten verbreden het draagvlak.
Burgers participeren via crowdfunding aan studies die het voorstel verfijnen en onderbouwen.
Ook overheden zijn steeds meer geïnteresseerd in het plan. De Antwerpse gemeente- en districtsraadsleden, het Vlaams Parlement en de Vlaamse regering luisteren, stellen vragen en raken mee overtuigd van deze unieke kans.

75.000 Antwerpenaars steunen het idee voor een nieuwe volksraadpleging, omdat ze niet geloven dat de bestaande plannen voor de Oosterweelverbinding verenigbaar zijn met een volledige overkapping. Samen met een procedure bij de Raad van State door de actiegroepen Ademloos en stRaten-generaal, houden ze zo de druk op de ketel om tot een politiek akkoord te komen.

En plots gaat het snel. De inzichten zijn gegroeid, de plannen meer en meer verfijnd, en dankzij intendant Alexander D’Hooghe verbetert ook de verstandhouding tussen de betrokken instanties en burgers.
Begin 2017, amper drie jaar na de start, sluit Ringland samen met stRaten-generaal en Ademloos, de stad Antwerpen en de Vlaamse regering het Toekomstverbond, een akkoord dat moet leiden tot de volledige overkapping.

In de zomer krijgen zes ontwerpteams de opdracht om, onder leiding van de intendant, de overkapping concreet uit te werken.

Ringland in een notendop

Ringland pleit van bij het begin voor een totaaloplossing, zowel voor de mobiliteit als voor de leefbaarheid, in en rond Antwerpen. De volledige overkapping van de Ring is dé oplossing voor meer ruimte en groen, vlot en veilig verkeer, een betere gezondheid en een veel grotere leefbaarheid.

Ringland formuleerde enkele essentiële uitgangspunten:

  • scheiding van doorgaand en stedelijk verkeer, om de Ring vlotter en veiliger te maken
  • minder verplaatsingen met de auto, ten voordele van meer verplaatsingen te voet, met de fiets of het openbaar vervoer
  • het sluiten van de Ring als sluitstuk van het hele verhaal, met een verplaatsing van het zwaar en doorgaand (haven)verkeer naar het noorden
  • groene verbindingen tussen stad en rand, Luchtbal en Merksem,…

Toekomstverbond in een notendop

In 2017 sluiten de burgerbewegingen en de overheden het Toekomstverbond, een akkoord om samen tot een volledige overkapping te komen.

Daarin komen de partijen overeen dat:

  • alvast 1,25 miljard euro wordt vrijgemaakt voor de eerste fase van de volledige overkapping
  • de Oosterweelverbinding er toch komt, maar enkel voor stadsregionaal verkeer, terwijl het doorgaand verkeer het Haventracé rond de stad moet volgen
  • de mobiliteit in de grote vervoersregio (van Beveren tot Brecht) verbeterd moet worden via een Routeplan 2030, waardoor het aantal verplaatsingen met de auto vermindert, dankzij een modal shift naar meer verplaatsingen te voet, met de fiets of met het openbaar vervoer (modal split 75/25 naar 50/50)
  • er voortaan constructief wordt samengewerkt, met inspraak van de burgers
  • de procedures bij de Raad van State worden stopgezet

Modal split 50/50

De modal split 50/50 gaat uit van de helft verplaatsingen te voet, met de fiets of met het openbaar vervoer en de helft met auto’s en vrachtwagens. Het Routeplan 2030 voor de Vervoersregio Antwerpen moet helpen om deze ambitie te realiseren. Het wordt uitgewerkt op een van de vier werktafels binnen de Werkgemeenschap. Ringland vindt de modal shift naar 50/50 een vooruitgang, maar durft voor nog meer ambitie te pleiten. Ringland is door buitenlandse voorbeelden overtuigd dat 70/30 realiseerbaar is.

X
- Enter Your Location -
- or -